Tingelingeling, de deur gaat open.

tingelingeling_de_deur_gaat_open3

Tingelingeling, de deur gaat open.
Tingelingeling, wat kom je kopen ?
Geef me een appel en een peer,
Dank je wel, dag meneer !

wat druiven, wat koekjes,een wit brood, een bruin brood,een eitje, een koekje !

 

Vocabulaire
De deur gaat open = la porte s’ouvre
Kopen = acheter
druiven = du raisin
een peer = une poire
ei = œuf
Merci bien, au revoir Monsieur