O, denneboom (Audio)

o_denneboom2

O, denneboom
Mon beau sapin

O, denneboom, o denneboom
Wat zijn je takken wonderschoon !
Ik heb je liefst in’t bos zien staan
Toen had je nog geen lichtjes aan

O, denneboom - Vocabulaire
Denneboom = sapin
Takken = branches ; wonderschoon = merveilleusement belle
Liefst = de préférence ; bos = la forêt
Toen = alors ; geen (négation) ; licht = lumière ; aan = allumer.